Marino Keulen | Open VLD Lanaken
Burgemeester Lanaken & Parlementslid Vlaams Parlement

GOESTING IN DE TOEKOMST!
E-mail | Facebook | Twitter | Google+ | Video

maandag 30 mei 2011

Ecofundamentalisme

20/05/2011 - Gisteren werd in Wetteren een waardevol wetenschappelijk experiment, een proefveld met genetisch gemanipuleerde aardappelen door een stelletje idioten vernietigd. De schade wordt in de honderdduizenden euro’s geraamd. Het wetenschappelijk onderzoek wordt minstens een jaar achteruit gezet.

De actievoerders maken zich zorgen om ongewenst neveneffecten van genetisch gemodificeerde organismen. Dat zijn terechte bekommernissen. Juist daarom hebben we nood aan onderzoek naar neveneffecten, en dat was nu net de bedoeling van het vernielde experiment. Het Gentse instituut voor biotechnologie voert al jarenlang onderzoek naar ggo’s. Doelstellingen zijn onder meer planten zo aanpassen dat er minder besproeiing nodig is, of dat woestijnvorming kan tegengegaan worden. Dit zijn uiterst belangrijke doelstellingen voor de voedselvoorziening én de ecologie van onze planeet.

Dat met de actie, door het zogenaamd Field Liberation Movement, dit soort onderzoek gedwarsboomd wordt, is een regelrechte schande. Het is in elk geval een misdrijf, dat ook als zodanig moet vervolgd en berecht worden. De mentaliteit van de actievoerders is angstwekkend. Met hun daden scharen zij zich in het kamp van degenen die menen dat het eigen gelijk boven alles gaat. Dit is ecofundamentalisme: debat en onderzoek worden zelfs niet meer getolereerd. Een kleine minderheid schuift de democratie opzij en probeert met geweld de eigen doelstellingen te promoten. Dit is irrationeel fundamentalisme. De eigen onfeilbaarheid wordt niet meer in vraag gesteld, en het resultaat is een vorm van hysterische terreur.

Ook sommige reacties in de pers zijn zorgwekkend. Europarlementslid Bart Staes noemt de vernieling van het aardappelveld ‘een vorm van democratische strijd’. Hij zegt ook: ‘dankzij burgerlijke ongehoorzame acties als deze kan het debat weer opengebroken worden’. Staes maakt zich daarmee medeplichtig aan dergelijk gedrag en legitimeert daarmee verder geweld; Dit is eigenlijk onaanvaardbaar uit de mond van een europees volksvertegenwoordiger. Staes vergist zich trouwens dramatisch. Dergelijke acties gebruiken geweld, en hebben dus niets te maken met burgerlijke ongehoorzaamheid, die principieel geweldloos is. Bovendien zijn dit soort acties juist de negatie van een democratisch debat. Wie zelfs wetenschappelijk onderzoek niet meer tolereert is op weg een groene Taliban te worden.

Voor meer informatie kan u terecht bij Marino Keulen, GSM 0476/41.64.80.

dinsdag 24 mei 2011

Slecht HR-beleid kost Vlaanderen tientallen miljoenen

24/05/2011 - Uit personeelscijfers van de agentschappen die onder minister Crevits ressorteren, blijkt dat de vooropgezette streefcijfers voor personen met een handicap, allochtonen en vrouwen nog mijlenver van de doelstellingen liggen. Bovendien tiert het absenteïsme bij dit Vlaams overheidspersoneel welig. Vlaams Volksvertegenwoordiger Marino Keulen (Open Vld) meent dat een goed HR-beleid een besparing zou opleveren van minstens 28 miljoen euro op jaarbasis.


De Vlaamse overheid legt zichzelf streefcijfers op: ze wil 33% vrouwen in middenkaderfuncties tegen 2010 en 33% vrouwen in topfuncties tegen 2015. In dat jaar zouden er ook 4% allochtonen en 4,5 personen met een handicap voor de Vlaamse overheid moeten werken. De Vlaamse overheid heeft nog veel werk aan de winkel, leren de gegevens die Keulen verzamelde.

Een klein agentschap heeft het natuurlijk moeilijker dan een groot om de streefcijfers te halen. Maar zelfs bij een grote organisatie als De Lijn zijn er 3,07% allochtonen, 0,19% personen met een handicap en 17,79% vrouwen tewerkgesteld. Marino Keulen: “Als je dan weet dat veel jobs bij De Lijn zich lenen voor mensen met een lage opleiding, schrik je toch van het lage cijfer voor allochtonen. En De Lijn is toch niet zo’n vrouwonvriendelijke omgeving dat we blij moeten zijn dat ze nog géén één op vijf vrouwen tewerk kan stellen? Maar vooral de cijfers over personen met een handicap zijn ronduit schandalig!”

Een belangrijke parameter om vast te stellen of er sprake is van een goed HR beleid is het absenteïsme. Aan afwezige medewerkers is bovendien een kost verbonden. Voor de Vlaamse overheid zijn ook deze cijfers “ronduit schokkend”, zegt Keulen. " Waar de privésector voor bedienden een absenteïsmecijfer van 2,1% van de arbeidsdagen per kalenderjaar hanteert en voor arbeiders 3,5% zien we bij de overheid pieken boven de 10%." Concreet betekent dit voor De Lijn dat een personeelslid er gemiddeld 18 dagen per jaar afwezig is, terwijl dit voor de private sector voor een bediende gemiddeld 4,5 dagen en voor een arbeider gemiddeld 7,5 dagen per jaar bedraagt.

Wat betekent dit nu naar cijfers? De agentschappen MOW (Mobiliteit en Openbare Werken) hadden samen in 2010 196.757 dagen waarop niet gewerkt werd. Als we een absenteïsmecijfer van 2,8 toepassen (de helft tussen 2,1 en 3,5), wat heel schappelijk is omdater bij deoverheid weinig arbeiders zijn, merken we dat er 122.231 dagen meer absenteïsme is bij de agentschappen dan wat als normaal aanzien wordt in de privé. Omgerekend komt dit neer op 28,56 miljoen euro op jaarbasis die men zou kunnen besparen aldus Marino Keulen. Indien we enkel zouden rekenen met het cijfer voor de bedienden in de privésector spreken we over een jaarbedrag van net geen 33 miljoen euro.

Maar ook de vergelijking tussen de verschillende niveaus doet je toch even de wenkbrauwen fronsen. De overheid werkt met 4 niveaus in de hiërarchie (van het hoogste niveau A naar het laagste niveau D). Normaal verwacht je dat op een hoger niveau het absenteïsme lager zal liggen dan bij de mensen die werken op een lager niveau maar ook dit is dikwijls niet het geval.

Marino Keulen: "Deze cijfers zijn zo schokkend dat ik aan Vlaams minister Bourgeois gevraagd heb mij de cijfers te bezorgen van de ganse Vlaamse overheid. Want ofwel, laten we hopen, gaan deze geruststellend zijn en trof ik bij de agentschappen onder minister Crevits uitzonderingen aan waar ze dringend iets aan moet doen, ofwel scheelt er iets bij de ganse Vlaamse overheid en moet minister Bourgeois heel dringend in gang schieten om zijn HR-beleid op punt te zetten."

maandag 23 mei 2011

Info dat het probleem bij De Lijn structureel is en niet enkel te wijten aan de chauffeurs

23/05/2011 - Momenteel wordt vooral gefocust op de chauffeurs van De Lijn hoewel de cijfers aantonen dat in de hele organisatie, chauffeurs maar ook andere medewerkers van De Lijn, kampen met een veel te groot ziekteverzuim.

Stel, hypothetisch, dat de chauffeurs van De Lijn een zwaardere job 'zouden' hebben dan bijvoorbeeld een werknemer in de bouw of dan iemand aan de band in een fabriek, of welke arbeider ook en we daarom de
ziekteverzuimcijfers over de chauffeurs van De Lijn buiten beschouwing laten, dan is het absenteïsmecijfers bij De Lijn nog altijd torenhoog!

Op de technische herstel-dienst van De Lijn (de onderhoudstechnici) zit men met een absenteïsme-percentage van 7,46 bij de mannen en 11,57 bij de vrouwen ten opzichte van 3,5 wat in de privé voor arbeiders als normaal aanzien wordt.

Bij de bedienden (weddetrekkenden) van De Lijn (kantoorpersoneel) zit men met een ziekeverzuimpercentage van 3,84 bij de mannen en 6,56 bij de vrouwen ten opzichte van 2,1 wat in de privé voor bedienden als normaal aanzien wordt.

donderdag 12 mei 2011

Limburg koploper in beschadiging schuilhuisjes van De Lijn

12/05/2011 - Uit cijfers die Vlaams Volksvertegenwoordiger Marino Keulen (Open Vld) bekwam blijkt dat 1 op de 10 schuilhuisjes in 2010 beschadigd werd. De meeste schade die ontstaat is aan de glaspanelen.

Vlaanderen telde eind 2010 4.747 gesubsidieerde schuilhuisjes waarvan 430 beschadigd werden. De cijfers per provincies verschillen enorm. Zo blijkt dat West-Vlaanderen de laagste score haalt met 5,12% en dus in verhouding het minst aantal beschadigingen heeft. De provincie Limburg is hier de trieste koploper met 16,51% beschadigde schuilhuisjes.

Veel van deze beschadigingen zijn te wijten aan vandalisme maar ook aan ongevallen, hagelbuien, ...

Meer dan in andere provincies investeerden de Limburgse gemeenten samen met De Lijn voor het plaatsen en vernieuwen van schuilhuisjes en zelfs voor schuilhuisjes die op zonne-energie werken. Het is dan ook een spijtige zaak vast te stellen dat er zo veel beschadigd worden.

In bijlage vindt u vraag en antwoord terug.

dinsdag 10 mei 2011

Aantal schadegevallen vangrails daalt

10/05/2011 - Vlaams Volksvertegenwoordiger Marino Keulen (Open Vld) bekwam cijfers die aangeven dat er terug een dalende trend is in van het aantal schadegevallen aan vangrails. In 2009 was er voor het eerst een daling maar deze wordt nu verder gezet in 2010.

Gezien ook jaar na jaar het aantal km vangrails stijgt is dit een positieve trend en is dit volgens Marino Keulen een bijkomende indicator dat we hopelijk naar een verdere daling gaan van het aantal doden en zwaargewonden in het verkeer.

De cijfers :
Yr2004200520062007200820092010
Euro1.218.6131.323.1112.216.5902.540.7662.655.2352.159.3101.950.000

De laatste cijfers van het het aantal doden en zwaargewonden in het wegverkeer, die altijd met twee jaar vertraging komen, vertoonden een daling maar één daling is nog geen trend.  De cijfers over de vangrails zijn een indicator voor het aantal ongevallen op autosnelwegen en grote gewestwegen.  De dalende trend van de schadegevallen aan de vangrails doen het vermoeden stijgen dat de daling van het aantal doden en zwaargewonden in het wegverkeer zal verder gezet worden.

In bijlage kan u betreffende vraag en antwoord terug vinden.

maandag 2 mei 2011

In 2011 overal vangplanken voor de motorrijders

02/05/2011 - Vlaanderen stapt mee in de doelstellingen van het nieuwe Europees verkeersveiligheidsplan. Dit plan wil het aantal verkeersdoden tegen 2020 halveren tegenover 2010. Vlaams volksvertegenwoordiger Marino Keulen vindt het alvast erg positief dat in 2011 op alle gevaarlijke locaties vangplanken voor motorrijders geplaatst zullen zijn.

In de groep van de verkeersslachtoffers zijn de motorrijders nog steeds oververtegenwoordigd, zeker als het gaat over het aantal zwaargewonde en dodelijke slachtoffers. In 2009 waren er 842 dodelijke slachtoffers en 7.686 dodelijk (gewonden die overlijden kort na het ongeval of binnen de 30 dagen na het ongeval) en zwaargewonden in het wegverkeer waarvan respectievelijk 127 ofwel 15,1% dodelijke slachtoffers bij de motorrijders en 1.035 ofwel 13,5% dodelijk en zwaargewonden bij de motorrijders(*). De reden hiervoor is dat een motorrijder niet zozeer in levensgevaar komt als hij of zij valt, maar wel als hij of zij bij een ongeval tegen een voorwerp terechtkomt. Daarom is het plaatsen van vangplanken op verschillende gevaarlijke locaties van levensbelang.

In april 2010 confronteerde Marino Keulen de bevoegde Vlaamse minister Hilde Crevits met deze problematiek. Zij beloofde er in 2010 en 2011 prioriteit aan te geven.

Marino Keulen vroeg zowel vorig jaar als onlangs de minister naar een stand van zaken. Eind 2010 hadden 114 van de 185 locaties, ofwel 61,62%, hun vangplank gekregen. De plaatsing op de resterende 71 locaties zou afgerond worden tegen eind 2011. De kost daarvoor wordt op 2.000.000 euro geraamd.

Naargelang de provincie zijn er grote verschillen. In de provincie Limburg moesten slechts 12 vangplanken geplaatst worden. In de provincie Oost-Vlaanderen dienden nog 65 locaties aangepast te worden. In 2010 werd in de provincies Limburg (83%), Vlaams-Brabant (73%) en Oost-Vlaanderen (71%) het meeste vooruitgang geboekt.

In aanvulling op het persbericht " " hierbij de volgende bijlagen :
  • De twee vragen en twee antwoorden waarop dit persbericht gebaseerd is en waarin u elke nog uit te voeren locatie kan terug vinden.
  • Een excel met de aantallen per provincie en percentuele verdeling.