Marino Keulen | Open VLD Lanaken
Burgemeester Lanaken & Parlementslid Vlaams Parlement

GOESTING IN DE TOEKOMST!
E-mail | Facebook | Twitter | Google+ | Video

maandag 24 oktober 2016

Persbericht 23-10-2016 : “Minister Weyts is bezig met nog bijkomende trambus-studies voor Vlaamse vertrammingsprojecten”

De Lijn heeft reeds twee trambus-studies uitgevoerd voor twee trajecten in het kader van Brabantnet en laat er nog drie andere uitvoeren. Dit blijkt uit een schriftelijke vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Marino Keulen (Open Vld) aan bevoegd minister Weyts. “Het doel van deze trambus-studies is om de uitrol van een hoogwaardig openbaar vervoer te versnellen door het inzetten van trambussen in plaats van sneltrams,” legt Keulen uit. “Zo komt er nog een studie voor de trajecten The Loop in Gent, Spartacus lijn 2 (Hasselt-Maasmechelen) en Kontich-Berchem Station.”

De beide afgeronde studies tonen aan dat voor het traject Heizel-Zaventem (ringtram) de inzet van een trambus een zeer valabele piste is om versneld hoogwaardig openbaar vervoer te realiseren. Voor het traject Willebroek-Brussel is dit niet het geval, daar de trambus niet de gewenste snelheid kan behalen en de overstap naar de bestaande traminfrastructuur in het centrum onmogelijk is. Wel onderzoekt men voor dit traject of men met behulp van doorstromingsmaatregelen (bv. rijden op de pechstrook) niet op korte termijn tot een vlottere busverbinding kan komen.

Voor drie andere tracés is men bezig met een trambus-studie. Het betreft The Loop in Gent, Spartacus lijn 2 (Hasselt-Maasmechelen) en Kontich-Berchem Station. De studies zijn lopende en deze zullen besproken worden binnen de taskforce Doorstroming.


“Het is positief dat minister Weyts werk maakt van hoogwaardig openbaar vervoer en de twee afgeronde studies geven een goed beeld weer van de mogelijkheden. Voor mij is echter één zaak van cruciaal belang, het dient structureel hoogwaardig openbaar vervoer te zijn en men dient verder te kijken dan louter de korte termijn. Een trambus kan een opstap naar een definitieve tramverbinding zijn, maar kan deze nooit vervangen. Als een trambus toch de definitieve vervoersmodus wordt op een traject, is het belangrijk dat deze volledig op een eigen vrije bedding zich kan verplaatsen. Alleen op die manier creëren we hoogwaardig openbaar vervoer waar de reiziger wel bij vaart,” besluit Marino Keulen.