Marino Keulen | Open VLD Lanaken
Burgemeester Lanaken & Parlementslid Vlaams Parlement

GOESTING IN DE TOEKOMST!
E-mail | Facebook | Twitter | Google+ | Video

donderdag 28 juli 2016

#wegenwerken Bilzerbaan Veldwezelt

Aanleg fietspaden en riolering Bilzerbaan Veldwezelt


Duur van de werken

Er wordt gestart op dinsdag 2 augustus 2016 en de werken zullen 220 werkdagen in beslag nemen. (70 werkdagen nutmaatschappijen + 150 werkdagen riolering en fietspaden). Einde der werken voorzien eind 2017.

Bereikbaarheid en parkeren

De werfzone blijft steeds bereik- en berijdbaar. Buiten de werkuren blijft de omgeving van de woning steeds bereikbaar met de wagen. TIjdens de werkuren zijn de woningen steeds te voet of met de fiets bereikbaar.

Auto's liefst steeds voor 7u buiten de werfzone zetten. (doorgang kan anders onderbroken zijn t.g.v. werfvoertuigen)

Parkeren kan tijdens de werkuren nooit binnende werkzone. Parkeer zoveel mogelijk op voorziene parkings, zijstraten, ...


Omleiding

Verkeer richting Veldwezelt en Maastricht is mogelijk op de Bilzerbaan over één rijstrook.
Verkeer komende van Veldwezelt richting Mopertingen dient de omleiding te volgen.

Kruispunt N2/N78 is afgesloten voor alle verkeer richting Bilzen en moet verplicht onderstaande omleiding volgen.




Werkplanning/Timing
1. Vanaf 2 augustus 2016: voorbereidende werken, ca. 2 weken
2. Vanaf 16 augustus 2016: aanvang werken nutsmaatschappijen, 70 werkdagen
3. Vanaf ca. oktober 2016: start rioleringswerken Molenpoel, aansluitend herstel/vernieuwen van wegenis in Molenpoel
4. Vanaf begin 2017: start werken aan Bilzerbaan
Uitvoering d.m.v. éénrichtingsverkeer in 'korte' (ca. 500m) werfzones/2 weghelften
5. Najaar 2017 (plantseizoen): beplantingswerken


Fases

Fase 1: verplaatsing van de nutsleidingen en aanleg van de riolering en wegenis Molenpoel
Fase 2a: aanleg van de riolering en wegenis N2 Bilzerbaan van Molenpoel (kmp 93.500) tot kruispunt Strodorp (93.000) noordzijde
Fase 2b: aanleg van de riolering en wegenis N2 Bilzerbaan van Molenpoel (kmp 93.500) tot kruispunt Strodorp (93.000) zuidzijde
Fase 3a: aanleg van de riolering en wegenis N2 Bilzerbaan van kruispunt Strodorp (93.000) tot begin landbouwgebied (kmp 92.400) noordzijde
Fase 3b: aanleg van de riolering en wegenis N2 Bilzerbaan van kruispunt Strodorp (93.000) tot begin landbouwgebied (kmp 92.400) zuidzijde
Fase 4: aanleg vrijliggende fietspaden van landbouwgebied (kmp 92.400) tot gemeentegrens Lanaken/Bilzen (kmp 91.840)






Kostprijs

Aanleg fietspaden en kruispunten: préfinanciering 825.000 euro
Renovatie gewestweg en afwatering t.l.v. AWV 220.000 euro
Voetpaden, groenaanleg en Molenpoel t.l.v. Lanaken 100.000 euro
Riolering t.l.v. Infrax 815.000 euro

Totale project zonder BTW 1.960.000 euro





maandag 25 juli 2016

#Persbericht Marino Keulen#21 juli 2016#:“Rapport Agentschap Wegen en Verkeer over de asbestproblematiek Philipsbrug Hasselt stelt geen grootschalige fouten vast”#

Nadat op 20 april 2016 bekend raakte dat er asbest gevonden was op de werf van de Philipsbrug in Kiewit beval bevoegd minister Weyts een onderzoek door het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) Limburg. Na een parlementaire vraag van Marino Keulen (Open Vld), kreeg de Vlaamse volksvertegenwoordiger het rapport in handen. “Het rapport van AWV geeft enerzijds een relaas van de feiten, zowel in het voortraject als na de vondst van asbest, en stelt dat het agentschap alles gedaan heeft zoals wettelijk voorzien is. Wel zal in de toekomst voor elke afbraak en opbraak van infrastructuurwerken een sloopinventaris gemaakt worden waarin eventuele asbest ook opgemerkt kan worden”, legt Keulen uit.


De historiek van de asbestproblematiek in de Philipsbrug is ondertussen welbekend, in het rapport van AWV wordt dit dan ook uitvoerig uit de doeken gedaan vanaf het plan van afbraak tot de eigenlijke afbraak en het ontdekken van asbest toe. Alle genomen stappen worden uitgebreid toegelicht en hieruit concludeert AWV dat men rekening heeft gehouden met alle factoren en alle wettelijke stappen gevolgd heeft vanaf de detectie van asbest. Ook stelt het rapport dat de bekisting met asbesthoudende elementen die aanwezig was in de brug, niet vermeld was op de bouwplannen en er voor dit project geen asbestinventaris voorafgaandelijk opgemaakt diende te worden.
Wel heeft AWV een proces-verbaal opgemaakt naar het studiebureau en naar de aannemer. Het studiebureau (dat het Veiligheids – en Gezondheidsplan heeft opgemaakt) omdat er op voorhand geen inventaris (sloop en/of asbest) werd opgemaakt, dit was geen wettelijke verplichting, maar het studiebureau had er de aandacht op kunnen vestigen. De aannemer omdat deze het Veiligheids – en Gezondheidsplan (VGP) heeft ondertekend zonder dat er melding werd gemaakt van het ontbreken van een inventaris.
“Het rapport van AWV geeft vooral een feitelijk relaas zonder veel conclusies te trekken,” aldus Marino Keulen. “Wel is het positief dat men de hele situatie onderzocht heeft en als gevolgtrekking voor elk infrastructuurwerk een sloopinventaris op gaat stellen. Bijkomend gegeven is dat AWV tijdens de hele procedure open gecommuniceerd heeft, zowel naar de pers als naar de buurtbewoners toe. Ik hoop dat men dit blijft doen, daar er momenteel opnieuw een verhoogde asbestconcentratie gemeten is aan de werf op 13 juli.”

woensdag 20 juli 2016

378 verkeersdoden in Vlaanderen zijn er nog steeds veel te veel

Uit cijfers van de FOD economie blijkt dat er vorig jaar 732 verkeersdoden te betreuren vielen in België, waarvan 378 in Vlaanderen. Voor Vlaanderen is dit een lichte daling van het aantal verkeersdoden, maar nog steeds veel te veel. Bevoegd Vlaams minister Weyts heeft enige tijd geleden een ambitieus verkeersveiligheidsplan gelanceerd. Zijn ambitie om het aantal verkeersdoden te verminderen ondersteunen we en de komende jaren zullen hiervoor ook extra inspanningen gedaan worden: Inzetten op sensibilisering, betere verkeerseducatie (o.a. hervormde rijopleiding), meer handhaving (via trajectcontrole) en verkeersveilige infrastructuur voor elke weggebruiker.

vrijdag 15 juli 2016

#Persbericht Marino Keulen 14-07-2016#:“Kaderovereenkomst Spartacus zal aangepast worden met Mosae Forum als eindhalte”#



In de marge van de bespreking van de evaluatie van de beheersovereenkomst 2011-2015 van de VVM De Lijn in de commissie Mobiliteit en Openbare Werken, heeft Vlaams minister Weyts verklaard aan Marino Keulen dat er na de goedkeuring door de Vlaamse Regering (afgelopen vrijdag) van de afspraken rond Spartacus (o.a. van lijn 1), contact gezocht is met Nederland. “De minister verklaarde dat de datum voor concreet overleg nog bepaald dient te worden, maar zeker is dat de huidige kaderovereenkomst aangepast wordt met Mosae Forum als eindhalte,” aldus Keulen.
Nadat vorige week in de commissie Mobiliteit en Openbare Werken van het Vlaams Parlement duidelijk werd dat er voor lijn 1 (Hasselt-Maastricht) een akkoord was met de Nederlanders, men lijn 2 (Hasselt-Genk-Maasmechelen) wil versnellen door te werken met een trambus in afwachting van een sneltram en voor lijn 3 (Hasselt-Neerpelt als spoorlijn 18) denkt aan prefinanciering bij de NMBS; verklaarde minister Weyts deze week dat de Vlaamse Regering dit allemaal bevestigd heeft tijdens de ministerraad van afgelopen vrijdag.
Voor de afhandeling van lijn 1 heeft men contact opgenomen met de Nederlandse partners en zal de huidige kaderovereenkomst met de gemeente Maastricht en de provincie Nederlands-Limburg aangepast worden. De voornaamste aanpassing omvat de wijziging van de eindhalte, het station van Maastricht wordt vervangen door Mosae Forum.
“Een precieze datum wanneer de minister opnieuw met de Nederlandse partners rond de tafel gaat zitten, is nog niet bekend,” stelt Marino Keulen vast. “Het is wel duidelijk dat minister Weyts zijn engagement voor dit project nakomt en zijn rol goed speelt. De bal ligt hierdoor terug in het kamp van de Nederlandse partners die dan op het vlak van ruimtelijke ordening met een aantal aanpassingen moeten komen: een nieuw bestemmingsplan en andere beschikkingen op het vlak van ruimtelijke ordening (bv. bouwvergunning …).”

zaterdag 9 juli 2016

Persbericht 8 juli 2016 : #Tegen 2018 zijn er 80 Blue-bike punten#

Tegen 2018 zijn er 80 Blue-bike punten
Marino Keulen: "Deelfietsen zijn een essentieel onderdeel van het openbaar vervoer van de toekomst”



Blue-mobility wil tegen 2018 de kaap van 80 Blue-bike punten ronden en kijkt voor deze groei vooral naar overstaphaltes van De Lijn. Dat blijkt uit een schriftelijke vraag over Blue-bike van Vlaams volksvertegenwoordiger Marino Keulen aan bevoegd minister Ben Weyts. “Vanuit het oogpunt van combimobiliteit en basisbereikbaarheid is een vlotte overgang van het ene vervoermiddel naar het andere van groot belang, daarom vallen de ontwikkelingen rond deelfietsen toe te juichen,” stelt Keulen vast.

In 2016 zullen nog acht nieuwe Blue-bike punten in gebruik genomen worden in: Boechout, Kortrijk (2x), Lier (2x), Mechelen, Sint-Niklaas en Waregem. Momenteel zijn de Blue-bike deelfietsen vooral te vinden aan NMBS-stations, maar om te groeien komen er nu ook bij aan haltes van De Lijn. Voor 2017 en 2018 zullen er telkens 15 nieuwe locaties bijkomen om zo tegen 2018 aan 80 Blue-bike punten te komen. Bij de opstart van een nieuw punt wordt er steeds een samenwerkingsovereenkomst afgesloten met de gemeente waarin wederzijdse engagementen opgenomen zijn.

In het verleden ondersteunde de Vlaamse overheid Blue-bike voor een bedrag van €100.000 tot €150.000 en door deze tussenkomst kon een deel van de personeelskosten, communicatiekosten en de aankoop van het registratiesysteem vergoed worden. Vanaf 2013 werd naast de personeelskost ook een deel rechtstreeks aan de ritprijs gekoppeld. De toekomstige ondersteuning wordt momenteel besproken.

“Ik ga ervan uit dat er snel een akkoord gevonden zal worden en dat de steun aan de Blue-bike punten niet verdwijnt. Vanuit het oogpunt van snel overstappen van het ene naar het andere openbare vervoersmiddel is de deelfiets een belangrijk instrument met veel potentieel,” besluit Marino Keulen.

vrijdag 8 juli 2016

#Doorbraak in het Spartacusdossier#

Gisteren pittig debat over Spartacus (drie lijnen) gehad in de commissie Mobiliteit en Openbare Werken van het Vlaams Parlement.

Wat lijn 1 (Hasselt-Maastricht) betreft, met Lanaken als halteplaats, is het positief dat de Vlaamse Regering akkoord gaat met Mosae Forum als eindhalte, dus voor de Wilhelminabrug. Ook met de compensaties door Nederland te betalen is men akkoord: 6 miljoen euro financiële compensatie, 1 miljoen euro voor de uitrusting van de halteplaatsen op Vlaams grondgebied, tussenkomst in de elektrificatie van de spoorlijn Hamont-Weert, voorzien in frequente busverbindingen tussen Maaseik en Sittard …

De bal ligt dus nu in het kamp van de Nederlanders. Zij moeten het bestemmingsplan en andere ruimtelijke verordeningen in orde brengen. De discussie over het al dan niet realiseren van lijn 1 is beslecht. De Vlaamse Regering gaat voor de uitvoering.

Wat lijn 2 (Hasselt-Genk-Maasmechelen) en lijn 3 (Hasselt-Neerpelt) betreft:

Lijn 2 wordt ingevuld met trambussen. Dit geldt als tijdelijke maatregel in afwachting van de realisatie van een sneltramverbinding. Hiervoor moet werk gemaakt worden van een project-MER, de aanleg van een vrije bedding, de aanschaf van trambussen … Positief is dat hier ook een akkoord is bereikt. Ook hier moeten nog een aantal procedures afgewerkt worden.

Lijn 3 naar Noord-Limburg is een spoordossier (de reactivatie van de oude spoorlijn 18). De Vlaamse Regering wil dit dossier vooruithelpen door prefinanciering voor te stellen aan de NMBS. De NMBS hoopt echter op cofinanciering. Het verschil tussen pre en co is dat in het geval van cofinanciering de Vlaamse Regering investeert in het project met Vlaams geld. Dit wordt nog een harde noot om te kraken.

Nog verder op te volgen blijft de aankondiging van verschillende snelbussen om delen van Limburg optimaal te ontsluiten: bv. Sint-Truiden en Tongeren met Maastricht, Lanaken met Maaseik, Genk met Bree, Hasselt met Tessenderlo, Neerpelt met Bree en Maaseik … Hiervoor is nog geen concrete duidelijkheid gecreëerd. Ook hier zal ik minister Weyts aan zijn beloftes blijven herinneren.

Ik ben van mening dat minister Weyts zich in dit dossier zeer constructief gedragen heeft en de doorbraak geforceerd heeft, ik ben hem daar dan ook zeer erkentelijk voor.

Ik ben tevreden dat er een doorbraak is in het Spartacusdossier voor de drie lijnen.

maandag 4 juli 2016

#Open Vld Limburg #staat achter het compensatievoorstel van de stad Maastricht en de Nederlandse provincie Limburg inzake de sneltramverbinding Hasselt-Maastricht.#

Voorzitter Mark Vanleeuw: “Door dit voorstel te aanvaarden kunnen we de impasse eindelijk doorbreken. Deze verbinding stond in de laatste drie Vlaamse regeerakkoorden en werd ook in het SALK aangestipt als topprioriteit. Laten we nu dan ook overgaan tot de realisatie.”
De voorzitter wijst er op dat op het terrein al volop voorbereidingen werden getroffen. “Denk aan samenwerkingsakkoorden van de Vlaamse gemeenten met De Lijn, de aanpassing van inrichtingsplannen en onteigeningen, hoorzittingen met de bevolking… Nog langer stilstaan is niet alleen nefast voor de Limburgse mobiliteit, maar brengt ook de politieke geloofwaardigheid in het gedrang. We hopen dat alle partijen nu overgaan tot de realisatie van dit mobiliteitsproject.”

vrijdag 1 juli 2016

#Persbericht Marino Keulen 30-06-2016#:“Eerste editie FietSOmeter succesvol en noodzakelijke stap voor verkeerseducatie op school”#

146 Vlaamse scholen (in totaal 1.949 leerlingen) hebben deelgenomen aan de eerste editie van de FietSOmeter van de Vlaamse Stichting Verkeerskunde (VSV) voor middelbare scholieren. Dit blijkt uit cijfers die Vlaams volksvertegenwoordiger Marino Keulen (Open Vld) opgevraagd heeft bij bevoegd minister Weyts. “FietSOmeter is een praktijktest die vijf vaardigheden van de scholier test. In eerste instantie op de speelplaats en nadien in het verkeer. Bovendien is na het succes van de eerste editie reeds de inschrijfmodule voor het schooljaar 2016/2017 geopend. Een grondige evaluatie van het project dient wel nog te gebeuren in samenwerking met de Vlaamse Stichting Verkeerskunde en het departement Mobiliteit en Openbare Werken,” legt Keulen uit.
De praktijktest focust op vijf fietsvaardigheden: veilig fietsgedrag, compact rijden in groep, van richting veranderen, ritsen en communiceren. Deze vaardigheden passen de leerlingen eerst toe op hun eigen speelplaats onder begeleiding van hun leerkracht om nadien dit in het verkeer te testen. De doelgroep focust vooral op scholieren van het eerste middelbaar, daar deze vaak voor het eerst (in groep) over langere afstand naar hun school fietsen. Geïnteresseerde scholen kunnen zich voor het schooljaar 2016/2017 tot en met 6 mei 2017 inschrijven en zo gebruik maken van het ontwikkelde lespakket.
In totaal deden 146 Vlaamse scholen mee: 53 scholen uit Antwerpen, 15 uit Vlaams-Brabant, 36 uit Oost-Vlaanderen, 26 uit West-Vlaanderen, 14 uit Limburg en ook nog 5 Brusselse scholen. Uiteindelijk hebben in totaal 1.949 leerlingen deelgenomen aan de praktijktest en slaagde 92,65% van hen hiervoor. Let wel, scholen kunnen nog tot 30 juni gegevens invoeren, dus dit aantal kan nog verder oplopen.
“Uit ongevallencijfers blijkt steeds weer dat (jonge) fietsers een risicogroep blijven. Verkeerseducatie op school is dan ook een onmisbaar element in het goed wegwijs maken van de jongeren in het verkeer. Wanneer men op een correcte manier de regels leert, via deze speelse praktijktest waarbij elke leerling een brevet ontvangt, zal men deze ook nadien toepassen in het verkeer en hopelijk zien we dat resultaat binnen enkele jaren ook in de ongevallencijfers,” besluit Marino Keulen.

#Persbericht Marino Keulen 30-06-2016#: “Uitbreiding van de steunzone in Limburg is positief, maar retail maakt er best geen deel van uit”#

In de commissie Economie en Werk stelde Vlaams volksvertegenwoordiger Marino Keulen (Open Vld), samen met zijn collega’s Christiaens en Danen, een vraag aan minister Muyters over de uitbreiding van de steunzone in Limburg. “Het uitgangspunt is voor iedereen duidelijk: investeringen in extra jobs ondersteunen met een korting op de loonkost. De uitbreiding van de steunzone is positief, maar retail maakt er best geen deel van uit,” aldus Keulen.
De uitbreiding stelt dat 500 meter van elke bevaarbare waterweg ook opgenomen wordt in de steunzone, dit om de watergebonden bedrijven die niet op een industriezone liggen op te nemen in de steunzone. Hierdoor ontstaat echter een vreemde situatie waarbij sommige winkelstraten opgenomen worden en andere niet, zelfs binnen één en dezelfde gemeente.
De minister stelde dat het uitgangspunt investeren in bijkomende jobs is in een gebied dat het economisch moeilijk heeft. Echter, de handelaar of ondernemer moet een investering doen in bijkomende jobs om van de voordelen te genieten en voldoen aan vele voorwaarden (o.a. deze werknemer een aantal jaren vast in dienst houden).
“Een uitbreiding van de steunzone voor incubatoren, brownfieldprojecten en watergebonden bedrijven die er oorspronkelijk niet bijzaten is geen enkel probleem, echter de retail kan hier best uitgelaten worden,” stelt Keulen vast. “Bij retail speelt vooral mee dat er nu al een grote concurrentiestrijd op het scherp van de snee is tussen ketens en kleine familiale ondernemers, kampen winkelstraten in elke gemeente met leegstand en valt het niet uit te leggen dat in één winkelstraat er verschillende regimes (wel of geen steun) zouden gelden. Daarom roep ik de minister op de concurrentiestrijd niet verder aan te scherpen.”
“Misschien kan beter ingezet worden op generieke maatregelen voor de KMO’s en grote ondernemingen,” legt Keulen uit. De minister is ook voorstander van generieke maatregelen met betrekking tot de loonkost, maar dat is federaal beleid en wordt gerealiseerd via de tax shift.