Marino Keulen | Open VLD Lanaken
Burgemeester Lanaken & Parlementslid Vlaams Parlement

GOESTING IN DE TOEKOMST!
E-mail | Facebook | Twitter | Google+ | Video

donderdag 28 april 2016

#Persbericht Marino Keulen 27-04-2016#: “Twee ingrepen gepland voor verkeersveilige fietssnelwegen”#

Om twee fiets-o-strades te realiseren in Limburg tegen 2017 gaat het Vlaams gewest voor de verkeersveiligheid van de fietsers te verhogen twee werven opstarten: een fietssluis over de N74 in Houthalen-Helchteren en een fietsbrug aan de ijzeren spoorbrug in Kuringen. Vlaams volksvertegenwoordiger Marino Keulen vroeg aan bevoegd minister Weyts naar een timing en de voorziene budgetten.
Een eerste fietssnelweg loopt van Riemst tot Ham en volgt grotendeels het tracé van het Albertkanaal. De tweede fietssnelweg loopt van Noord-Limburg (Hamont-Achel) tot Hasselt en wordt op termijn doorgetrokken tot in Zuid-Limburg (Gingelom).
Om beide fietssnelwegen verkeersveilig te realiseren zijn er twee ingrijpende werken noodzakelijk. De nieuwe fietssluis zal €140.000 kosten exclusief de kosten voor onteigeningen en hiervoor draagt het Vlaamse Gewest 40% van de kosten voor de aanleg van de infrastructuur. Het is de bedoeling het project zo snel mogelijk aan te besteden, want de Gemeentelijke Begeleidingscommissie heeft op 24 maart de startnota goedgekeurd. De verdere timing zal afhangen van de duur van de grondverwervingen. De brug over het Albertkanaal en de fietsverbinding naar het jaagpad zijn momenteel voorwerp van een studie van nv De Scheepvaart. De financiële verdeling voor de fietsbrug aan de spoorbrug moet nog worden afgesproken en is voorzien tegen 2020.
“Deze Vlaamse regering zet in op combimobiliteit en één aspect om dit te realiseren is door middel van goed uitgeruste en veilige fietssnelwegen zodat het woon-werk en woon-schoolverkeer voor een deel via de (elektrische) fiets kan verlopen. Het is daarom van belang om de twee grote infrastructuurwerken voor de fietssnelwegen zo spoedig mogelijk te realiseren,” aldus Marino Keulen.

maandag 25 april 2016

#Persbericht Marino Keulen 24-04-2016#:“Voertuigentest trambus Kortrijk globaal genomen positief, maar doorstroming is van cruciaal belang voor een hoogwaardig openbaar vervoer, niet het voertuig”#

In oktober van vorig jaar heeft er een voertuigentest met twee trambussen plaatsgevonden in Kortrijk. Vlaams volksvertegenwoordiger Marino Keulen heeft de hand kunnen leggen op de volledige enquêteresultaten. “Deze resultaten tonen aan dat de reizigers tevreden waren over het voertuig met een gemiddelde van 8,5 op 10. De algemene conclusie is echter dat reizigers weinig bereidheid tonen om meer te betalen voor dit type vervoer. Bovendien wordt de microsimulatie rond doorstroming pas afgerond einde 2016. Voor een trambus is een vlotte doorstroming van cruciaal belang om hoogwaardig openbaar vervoer te zijn, anders is het beter om voor een gewone bus te opteren,” aldus Keulen.
De voertuigentest met de trambus liep van 9 oktober tot en met 22 oktober 2015 in Kortrijk. 2.120 personen vulden een enquêteformulier in (49% mannen en 51% vrouwen). De gemiddelde leeftijd van de respondenten bedroeg 36 jaar en 27% van hen kwam uit Kortrijk zelf. 46% van de ondervraagden gebruiken dagelijks het openbaar vervoer, nog eens 19% doet dit op wekelijkse basis. Kortom, een grote meerderheid van de deelnemers aan de voertuigentest gebruikt frequent het openbaar vervoer.
Uit de specifieke vragen over het voertuig zelf bleek dat de geënquêteerden zeer tevreden waren over het uitzicht, de zitplaatsen en het rijcomfort. Zeker vergelijken met een reguliere bus scoort de trambus goed. Als algemeen tevredenheidscijfer kreeg de trambus een 8,6 op 10.
Er werden ook enkele vragen gesteld over het afgelegde traject en hieruit blijkt dat de respondenten iets minder enthousiast zijn over de manier waarop de trambus een bijdrage kan leveren aan de mobiliteitsproblematiek. Ook is 62% van de respondenten niet van plan om meer te betalen voor een rit in een trambus. Op de vraag hoeveel zij dan bereid zouden zijn om te betalen voor een rit met de trambus, was het gemiddelde antwoord: 2,64 euro/rit. Dit terwijl een biljet enkele rit op een reguliere lijnbus €3 voor 60 minuten kost.
“De trambus is een interessante denkpiste en kan zeker als opstap dienen voor de aanleg van een tram. Om een trambus echter structureel in te zetten in steden voor hoogwaardig openbaar vervoer, daar zijn we bij Open Vld niet helemaal van overtuigd. Een trambus is duurder in aankoop dan een (snel)tram en heeft niet dezelfde capaciteit. Ook deze voertuigentest geeft geen beeld over de doorstroming. Daarop is het wachten tot De Lijn de microsimulatie doorstroming afrondt tegen het einde van dit jaar. Want dat is van cruciaal belang voor een trambus: optimaal gebruik kunnen maken van een eigen vrije busbedding en een vlotte doorstroming,” besluit Marino Keulen.


Bijlage: detailresultaten van de enquête

Vragenreeks over het voertuig: Cijfer op 10
Hoe tevreden ben je over het aantal staanplaatsen? 8,6
Hoe tevreden ben je over het aantal zitplaatsen? 8,4
Hoe tevreden ben je over het comfort van de zitplaatsen? 8,7
Hoe tevreden ben je over het rijcomfort van de trambus (schokken, soepel rijden, …)? 8,5
Als je een gewone bus een 5 zou geven: hoeveel punten op 10 zou je dan geven voor het design van deze Trambus aan de buitenkant? 8,6
Als je een gewone bus een 5 zou geven: hoeveel punten op 10 zou je dan geven voor het design van deze trambus aan de binnenkant? 8,4
Hoe tevreden ben je in het algemeen over deze trambus? 8,6
Vragenreeks over het traject, de mobiliteitsproblematiek en de bereidheid om meer te betalen:
Hoe tevreden ben je over het traject? 8,5
In welke mate kan trambus een relevante bijdrage leveren aan de mobiliteitsproblematiek? 8,1
Zou je bereid zijn om meer te betalen voor je vervoerbewijs op dit type bus? 38% ja 62% neen

maandag 18 april 2016

#Persbericht Marino Keulen 17-04-2016#:“Studie over capaciteit van wegvakken toont aan dat er nog veel ruimte voor verbetering is”#

Het Vlaams Verkeerscentrum heeft een studie opgeleverd waarin men de capaciteit van de wegvakken op de Vlaamse autosnelwegen heeft doorgelicht en 39 locaties geselecteerd heeft die voor verbetering in aanmerking komen. Het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) heeft op deze 39 locaties een bouwkundige quick scan uitgevoerd en gekeken of er aanpassingen mogelijk zijn die de betere doorstroming kunnen verhogen. Op basis hiervan heeft men de locaties gecategoriseerd en zal in een volgende fase een diepte-analyse uitgevoerd worden om te kijken welke werken gerealiseerd kunnen worden. “Deze studie is nog maar een eerste aanzet, maar toont wel de ambitie van deze regering om het gebrek aan capaciteit op onze snelwegen aan te pakken door bijkomende rijstroken te creëren,” aldus Marino Keulen die de resultaten van deze studie opvroeg bij Vlaams minister voor Openbare Werken Weyts.
De ingrepen die voorgesteld worden op basis van de bouwkundige quick scan variëren van grote ingrepen (bv. het aanleggen van een spitsstrook) tot kleine ingrepen (bv. nieuwe belijning). “De bouwkundige analyse van AWV toont aan dat een vlottere doorstroming op een heel aantal wegvakken (16 in totaal) gerealiseerd kan worden met relatief eenvoudige ingrepen. Eén ingreep is al afgerond (E17 Gent-Centrum – Zwijnaarde) en één is aanbesteed (A12 Ekeren – Antwerpen Noord). Om de 14 andere quick wins te realiseren zal een budget van 2 à 3 miljoen euro nodig zijn en het is de bedoeling om deze allemaal afgerond te hebben tegen 2017,” aldus Keulen.
“Bij een beperkt aantal wegvakken zijn grotere ingrepen nodig en zo worden er vier nieuwe spitsstroken onderzocht: op de E17 De Pinte – Zwijnaarde (richting Antwerpen), E40 Groot-Bijgaarden – Affligem (richting Oostende), E15 Mechelen-Noord – Kontich (richting Antwerpen), E313 Beringen – Lummen (in beide richtingen). Nog andere ingrepen kaderen in grotere infrastructuurwerken die nog gepland worden zoals op de R0 binnenring tussen Machelen en Sint-Stevens-Woluwe,” stelt Marino Keulen vast.
De timing van de grotere ingrepen zijn afhankelijk van de beschikbare middelen en dienen dan ook goed onderzocht te worden en nadien opgenomen worden in het meerjareninvesteringsprogramma van AWV. “Cruciaal hiervoor is het voorzien van voldoende middelen en daarom roep ik de minister dan ook op dit dossier van zeer kortbij op te volgen, want de fileproblematiek bedreigt onze economische groei. Bovendien toont het ook aan dat onze snelwegen een te beperkte capaciteit hebben, die nooit meegegroeid is met de aanwas van voertuigen, en we dus nood hebben aan bijkomende capaciteit,” besluit Keulen.

#Persbericht Marino Keulen# 17-04-2016#:“Bijkomende spitsstrook tussen Beringen en Lummen op de E313 in beide richtingen komt eraan”#

Het Vlaams Verkeerscentrum heeft een studie opgeleverd waarin men de capaciteit van de wegvakken op de Vlaamse autosnelwegen heeft doorgelicht en 39 locaties geselecteerd heeft die voor verbetering in aanmerking komen. Het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) heeft op deze 39 locaties een bouwkundige quick scan uitgevoerd en bekeken of er aanpassingen mogelijk zijn die de betere doorstroming kunnen verhogen. Op basis hiervan heeft men de locaties gecategoriseerd en zal in een volgende fase een diepte-analyse uitgevoerd worden om te kijken welke werken gerealiseerd kunnen worden. “Deze studie is nog maar een eerste aanzet, maar toont wel de ambitie van deze regering om het gebrek aan capaciteit op onze snelwegen aan te pakken door bijkomende rijstroken te creëren,” aldus Marino Keulen die de resultaten van deze studie opvroeg bij Vlaams minister voor Openbare Werken Weyts.
In Limburg zijn de volgende wegvakken doorgelicht: E313 Hasselt-West en Antwerpen-Oost (in beide richtingen), E314 Genk-Oost en Halen (in beide richtingen) en het knooppunt Lummen. Nadien heeft AWV in de bouwkundige scan bekeken welke aanpassingen mogelijk zijn. Zo is er aan het knooppunt van Lummen nood aan een optimalisatie van de weefbewegingen. Mits een aanpassing van de markering over de volledige lengte (bij aanpak van de toplaag) kan de doorstroming verbeterd worden. Bovendien is er een opportuniteit wanneer de snelwegbrug over het Albertkanaal verhoogd wordt, kan er een derde rijstrook voorzien worden op de nieuwe verhoogde en verbrede brug. “De timing hiervan hangt af van de beschikbare middelen en het moment waarop men de brug over het Albertkanaal zal verhogen. De timing voorziet dat dit voor 2020 dient te gebeuren, maar het blijft de vraag of die strikte timing gehaald zal worden,” stelt Keulen vast.
Een tweede belangrijke vaststelling is de mogelijkheid voor een spitsstrook op de E313 tussen Beringen en Lummen in beide richtingen. “In totaal spreekt de studie over vier mogelijke spitsstroken, maar de realisatie hiervan is afhankelijk van het meerjareninvesteringsprogramma van AWV en de beschikbare middelen,” aldus Keulen.
“Cruciaal hiervoor is het voorzien van voldoende middelen en daarom roep ik de minister dan ook op dit dossier van zeer kortbij op te volgen, want de fileproblematiek bedreigt onze economische groei in Limburg. Bovendien toont het ook aan dat onze snelwegen een te beperkte capaciteit hebben, die nooit meegegroeid is met de aanwas van voertuigen, en we dus nood hebben aan bijkomende capaciteit,” besluit Keulen.

vrijdag 15 april 2016

#Persbericht Marino Keulen 14-04-2016#:“Hobbelige start voor kilometerheffing”#

De kilometerheffing voor vrachtwagens kent een hobbelige start. Vanaf 1 april moet elke vrachtwagen boven de 3,5 ton een On Board Unit (OBU) aan boord hebben om zich in regel te stellen met de wetgeving. In de commissie Mobiliteit en Openbare Werken van het Vlaams Parlement werd dit vandaag besproken met minister Weyts. Vlaams volksvertegenwoordiger Marino Keulen (Open Vld) is blij dat de situatie stilaan normaliseert en het systeem continue geëvalueerd wordt en een groot evaluatiemoment wordt nog gepland.
De start van de kilometerheffing was hobbelig, vele buitenlandse chauffeurs moesten nog op 1 april een OBU bemachtigen, wat leidde tot files aan de grensovergangen, de kinderziektes van de OBU’s bleven onopgelost ondanks inspanningen van Satellic, het callcenter was onderbemand … “Een overheid dient betrouwbaar te zijn in zijn beleid om zo geloofwaardig over te komen. De invoering van de kilometerheffing is een ingrijpende beleidsmaatregel en staat voor een vernieuwende overheid. Het is wel een nuttig instrument om buitenlandse chauffeurs mee te laten betalen, het leegrijden wordt aangepakt en de uitstoot zal verminderen,” aldus Keulen.

Tweede operator is ondertussen actief

Ondertussen is bekend geworden dat er naast Satellic nog een toloperator actief geworden is binnen België, namelijk Axxès. Deze was pas klaar om vanaf 31 maart geaccrediteerd te worden.

“Satellic als toloperator heeft de situatie niet geheel correct ingeschat en had zich beter moeten voorbereiden op de start van de kilometerheffing. De minister heeft een grootschalige evaluatie aangekondigd, evenwel zonder een concrete timing hierop te plakken,” besluit Marino Keulen.

dinsdag 5 april 2016

#Persbericht Marino Keulen 04-04-2016#: “Politiezone LAMA pal op Limburgs gemiddelde voor wat betreft het aantal letselongevallen in 2015”#

Uit de jaarlijkse monitoring letselongevallen Limburg van de Coördinatie Steundirectie Limburg van de Federale Politie blijkt dat de politiezone Lanaken-Maasmechelen (LAMA) pal op het Limburgs gemiddelde zit wat betreft letselongevallen per 10.000 inwoners. In 2015 vielen er 37 letselongevallen per 10.000 inwoners te betreuren op Limburgse wegen. “Wanneer we kijken per gemeente, dan staat Lanaken onder het Limburgse gemiddelde en zit onze gemeente in de middenmoot wanneer alle Limburgse gemeenten gerangschikt worden wat betreft het aantal letselongevallen. Er is evenwel geen positieve evolutie ten opzichte van 2014,” stelt burgemeester Marino Keulen vast.
Uit de analyse van de cijfers blijkt dat de meeste letselongevallen (met een lichtgewonde, zwaargewonde of dode als gevolg) in Limburg gebeuren op gewestwegen, tijdens de avondspits (tussen 16u en 18u) van weekdagen. Positief is dat in vergelijking met voorgaande jaren het aantal weekendongevallen daalt evenals het aantal totale doden en zwaargewonden. Het totale aantal letselongevallen is in Limburg gedaald met 3% ten opzichte van 2014. Het aantal dodelijke ongevallen daalde van 54 naar 52.
“Deze Limburgse cijfers, opgetekend door de lokale korpsen en de Federale politie bevestigen de landelijke trends in ongevallenstatistieken. Het aantal verkeersdoden is sinds in een dalende trend, maar de daling is minder sterk dan enkele jaren geleden (periode rond 2010). Al blijven enkele risicogroepen zeer aanwezig in de statistieken, zoals de bestuurders van motorfietsen. Vlaams minister bevoegd voor Mobiliteit Weyts heeft recent een nieuw verkeersveiligheidsplan gelanceerd met concrete acties in en het is dan ook de verwachting dat het aantal verkeersdoden de komende jaren verder teruggedrongen kunnen worden,” besluit Keulen
Tevens als bijlage 1 en 2 vindt u de gegevens waar het persbericht op gebaseerd is van de Federale Politie, Coördinatie Steundirectie Limburg.