Marino Keulen | Open VLD Lanaken
Burgemeester Lanaken & Parlementslid Vlaams Parlement

GOESTING IN DE TOEKOMST!
E-mail | Facebook | Twitter | Google+ | Video

vrijdag 19 maart 2010

Vraag om uitleg aan Hilde Crevits, Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken

19/03/2010 - Cijfers ivm toekomstig personen- en goederenverkeer. | In de media verschenen woensdag 17 maart 2010 een heel aantal kerncijfers in verband met mobiliteit naar aanleiding van een interview met minister Crevits. In het kort komt het erop neer dat er in de loop van de volgende 10 jaar een grote stijging gaat zijn van het personenverkeer (vooral te wijten aan vrijetijdsverkeer) en het goederenvervoer (waarbij een enorme stijging wordt verdeeld over weg, water en spoor).

Qua oplossingen voor deze aankomende nood is er spijtig genoeg minder terug te vinden in desbetreffende artikels of enkele heel algemene stellingen zonder concreet te worden. Daarnaast zijn er een aantal uitspraken of cijfers die toch de wenkbrauwen doen fronsen.

Ondermeer staat er te lezen dat wat betreft de Noord-Zuid verbinding in Limburg het GRUP rond is, de procedure loopt, alles volgens plan zit, … maar dat de realisatie afhangt of de neuzen in Limburg in dezelfde richting zitten.

Vlaanderen blijkt in verhouding tov andere economisch belangrijke gebieden minder kilometers autosnelwegen te hebben. De aangroei van het aantal kilometers autosnelweg op 10 jaar tijd met 2% staat niet in verhouding tov de nood. Bovendien hanteert de minister het principe dat er meer wegverkeer moet lopen via de autosnelwegen om zo de wegen van een lagere categorie te ontlasten. In de bekendgemaakte cijfers wordt gesteld dat 80% van de verplaatsingen korter dan 15 kilometer zijn.

Daarnaast blijkt dat de 70% van de groei van het wegverkeer voor privédoeleinden is. Een grote doelgroep die we dus ondanks al de inspanningen – 943 miljoen euro dotatie voor De Lijn in 2009 – niet op het openbaar vervoer krijgen.

Het goederenverkeer zag volgens de cijfers een kleine stijging die werd opgevangen door de spoor- en waterwegen en niet via de weg waar het goederenverkeer constant bleef. De toekomstige stijging zou echter voor 57,6% opgevangen worden door de weg.

Helaas ontbreekt in heel het interview enige duiding rond de invloed van de economische crisis op schommelingen in de cijfers over goederenverkeer op de weg. Transporteurs en koepelfederaties zullen ongetwijfeld bevestigen dat de afgelopen twee jaren er geen stijging en eerder een kleine daling was inzake goederenvervoer over de weg omdat de economische crisis toesloeg. Eens de economische situatie herstellende is, zal ook het transport van goederen via de weg exponentieel toenemen. Het is heel aannemelijk dat de stijging van het goederenvervoer, die in de jaren voor de crisis merkbaar was, zich zal herstellen.

De minister schuift vier pistes naar voren als oplossing :
  • Wegwerken van de aangehaalde missing links.
  • Optimalisering van het bestaande wegennet.
  • Optimaal onderhoud van het wegennet
  • Uitbouw van fietspaden, openbaar vervoer en spoor- en waterwegen.
Omtrent deze cijfers en de visie van de minister had ik dan ook een aantal vragen :
  • Van waar komen de cijfers en kan u ons deze ter beschikking stellen?
  • Welke problemen zijn er nu nog omtrent de Noord-Zuid en hoe gaat u hiermee omgaan?
  • Blijft u de visie hanteren om meer verkeer om te leiden naar de autosnelwegen? Welk wegverkeer beoogt u gezien 80% verplaatsingen zijn korter dan 15 kilometer?
  • Blijft u bij de visie dat de capaciteit van de autosnelwegen pas aangepast moet worden als de lagere categorie van wegen aangepast zijn of zal u de autosnelwegen eerst aanpassen zodat deze in staat zijn om de toevloed van het omgeleide verkeer op te kunnen vangen?
  • Gaat u een groter groeipad voorzien in het aantal bijkomende kilometers autosnelweg of heeft u een ander antwoord om de huidige en toekomstige nood in personenverkeer te ledigen?
  • Is de voorspelde toename van het goederenvervoer via de weg te wijten aan nog te ontwikkelen beleid of gaat dit uit van een status quo van de huidige situatie? Wordt er nagedacht over het klaarmaken van onze economische infrastructuur om de economische relance en de daarmee gepaard gaande stijging inzake goederenvervoer op te kunnen vangen?
  • Waaraan schort het aanbod van De Lijn, ondanks de zware financiële inbreng van de Vlaamse overheid, om de grote doelgroep die voor privédoeleinden onderweg zijn niet mee te krijgen? Te weinig service, te weinig flexibiliteit, te hoge kostprijs, te weinig regelmaat, … ?
  • Moet De Lijn niet meer inzetten op de doelgroepen die verplaatsingen maken voor woon-werkverkeer en voor schoolverkeer?
  • Hoe komt het dat we zo weinig van de verplaatsingen korter dan 15 kilometer niet op de fiets krijgen?
  • Alles kan niet ineens en er zullen prioriteiten gelegd moeten worden. Welke prioriteiten zal de minister stellen in de naar voren geschoven oplossingen of zal de minister ervoor opteren op elk niveau een nieuwe werkwijze hanteren?