Marino Keulen | Open VLD Lanaken
Burgemeester Lanaken & Parlementslid Vlaams Parlement

GOESTING IN DE TOEKOMST!
E-mail | Facebook | Twitter | Google+ | Video

dinsdag 31 maart 2009

Burgerparticipatie in Vlaamse steden op nieuwe wegen

31/03/2009 - Participatie en inspraak zijn hot items geworden in het stadsbestuur en houden veel meer in dan het de jongste dagen veelbesproken referendum over de Lange Wapper doet vermoeden. Dat zei Vlaams minister Marino Keulen bij de voorstelling van het rapport ‘Burgerparticipatie in Vlaamse steden' vandaag in het Vlaams Parlement.

In zowat alle Vlaamse steden lopen vandaag initiatieven om de betrokkenheid van de inwoners bij de stad of de wijk te verhogen. Met nieuwe participatiepraktijken pogen de stadsbesturen om de samenhorigheid binnen een snel veranderende stedelijke samenleving te bevorderen. Om de lokale besturen hierbij te ondersteunen, riep minister Keulen een werkgroep Participatie in het leven. Hierin nemen sleutelfiguren uit de stedelijke politiek en ambtenarij zitting, samen met deskundigen uit het werkveld en de Vlaamse overheid.

De werkgroep werkte 18 maanden lang aan een eigentijdse en ruim gedragen visie op participatie en aan een inspirerend beleidskader voor lokale bestuurders en burgers. Het rapport dat wordt voorgesteld bevat ook 50 relevante aanbevelingen voor een lokaal participatiebeleid en geeft aan hoe de Vlaamse overheid een meer participatief bestuur in de steden kan aanmoedigen en ondersteunen.

Sociaal kapitaal

Volgens minister Keulen zijn de steden voortrekkers in het opzetten van participatietrajecten. In een aantal gevallen is sprake van echt vernieuwende praktijken of experimenten. In die gevallen doet een stadsbestuur meer dan het louter communiceren van beleidsplannen die ze zelf heeft opgesteld. Burgers en verenigingen worden betrokken bij de opmaak en uitvoering van plannen en beleid. Een echt participatiebeleid behelst meer dan het zoeken naar een draagvlak bij de bewoners voor het gevoerde beleid: het geeft ruimte aan burgerinitiatieven en onderzoekt hoe besturen maximaal kunnen inzetten op het sociaal en cultureel kapitaal dat in de steden aanwezig is.

Meer burgerbetrokkenheid en participatie is niet enkel een wens van de stadsbesturen. Ook de burgers zelf zijn vragende partij. Getuige de enorme toename van buurtverenigingen en actiecomités. De resultaten van de Stadsmonitor 2008 geven aan dat maar liefst 60% van de stadsbewoners zich de problemen in zijn buurt of wijk aantrekt en bereid is zelf de handen uit de mouwen te steken. Slechts 30% van de 15.000 bevraagde stadbewoners vindt dat er voldoende inspraakmogelijkheden worden geboden door de stad. Voor minister Keulen een bewijs dat inzetten op meer participatie loont.

Toch blijkt participatie in de praktijk vooral een opdracht voor ambtenaren, colleges en frontlijnwerkers. De mogelijke bijdrage van de privé-sector tot de burgermaatschappij blijft onderbelicht, net zoals ook de gemeenteraad onzichtbaar is in het debat.

Voor de auteurs van het rapport hebben de gemeenteraadsleden nochtans een belangrijke(re) rol te vervullen in het lokale participatiedebat. Het nieuwe gemeentedecreet dicht de gemeenteraad een expliciete rol toe op vlak van participatie. Artikel 199 stelt: "de gemeenteraad neemt initiatieven om de betrokkenheid en de inspraak van de burgers of van de doelgroepen te verzekeren bij de beleidsvoorbereiding, bij de uitwerking van de gemeentelijke dienstverlening en bij de evaluatie ervan."

Uit het boek ‘Burgerparticipatie in Vlaamse steden. Naar een innoverend participatiebeleid' blijkt dat de steden volop aan het experimenteren zijn met vernieuwende participatiemethoden. In bijlage vindt u enkele interessante gevalstudies beknopt samengevat.