Marino Keulen | Open VLD Lanaken
Burgemeester Lanaken & Parlementslid Vlaams Parlement

GOESTING IN DE TOEKOMST!
E-mail | Facebook | Twitter | Google+ | Video

vrijdag 11 juli 2008

Grondwettelijk Hof laat principes Wooncode heel

11/07/2008 - Vlaams minister van Wonen Marino Keulen heeft kennis genomen van het arrest van het Grondwettelijk Hof over de wooncode. In een eerste reactie is hij zeer verheugd dat de grote vernieuwingen van de wooncode na de toetsing van het Hof overeind zijn gebleven.

‘Ik ben erg blij dat het Grondwettelijk Hof met dit arrest bevestigt dat de wooncode geen grondrechten schendt', aldus Keulen. ‘We hebben, ondersteund door onze juristen, altijd vertrouwd op een goede afloop van dit dossier. Voornamelijk Franstalige politici hebben echter alle middelen en mogelijkheden die hen ter beschikking stonden, gebruikt tegen de Vlaamse Wooncode: eerst via opeenvolgende belangenconflicten en dan via alle denkbare Belgische en Europese gerechtelijke procedures. Nu blijkt dat hun klachten ongegrond zijn.'

Geen bezwaren tegen grondrechten

Zoals eerder de Raad van State al had geadviseerd, meent ook het Grondwettelijk Hof dat het recht op behoorlijke huisvesting, zoals dit gewaarborgd wordt in artikel 23 van de Grondwet, in de wooncode niet wordt geschonden. Het Hof meent evenmin dat er een ongelijke behandeling wordt gecreëerd tussen de verschillende kandidaten voor een sociale woning. Het Hof maakt geen bezwaar omwille van de Europese beginselen inzake het vrij verkeer van werknemers en personen. Het Hof ziet in de bepaling die kandidaat-huurders vraagt bereid te zijn Nederlands te willen leren, geen achteruitgang van het beschermingsniveau vervat in de sociale grondrechten.

Het Grondwettelijk Hof ziet tevens geen graten in de belangrijkste vernieuwende principes die minister Keulen in de wooncode heeft ingevoerd: het nauwer betrekken van de lokale besturen bij het sociaal huisvestingsbeleid; de toegenomen aandacht voor de leefbaarheid in de sociale woonwijken; de strengere aanpak van de domiciliefraude; de invoering van de proefperiode van twee jaar voor nieuwe huurders; en tenslotte, de invoering van de taalbereidheid voor nieuwe sociale huurders.

Hof zet 2 puntjes op de i

Op twee punten zet het Hof wel de puntjes op de i. Vooreerst heeft het Hof een bezwaar tegen het principe van automatische ontbinding van het huurcontract tijdens de proefperiode, zonder voorafgaande tussenkomst van de rechter. Het Hof maakt hier de vergelijking met het gemeen huurrecht (het gewone private huurrecht) waar een automatische ontbinding niet bestaat en waar men steeds langs de vrederechter moet passeren. Keulen merkt hierbij op dat de Wooncode in sommige gevallen inderdaad in een automatische ontbinding van het huurcontract voorziet, maar dat ook onder de Wooncode nog steeds een rechter nodig was voor de uitzetting van de huurders. Ook onder de Wooncode kan dus niemand op straat gezet worden zonder de tussenkomst van een rechter. ‘Of die rechter nu moet tussenkomen bij de ontbinding van het contract of pas bij de effectieve uitzetting is geen halszaak', aldus Keulen.

Keulen wijst er in dit verband nog op dat de bestaande reglementering in het Brussels Gewest eveneens de mogelijkheid geeft aan de sociale huisvestingsmaatschappijen om het huurcontract op te zeggen zonder voorafgaande tussenkomst van de rechter. Men past dat daar al jaren toe, bij mijn weten zonder dat iemand de regeling juridisch in vraag heeft gesteld.

Vervolgens wijst het Hof er op dat de taalbereidheidsvoorwaarde niet op dezelfde manier kan toegepast worden in de gemeenten met taalfaciliteiten als in de rest van Vlaanderen. In de faciliteitengemeenten hebben de bewoners immers ook het recht om in het Frans met de huisvestingsmaatschappij te communiceren. Het Hof zegt daarom dat de taalbereidheidsvoorwaarde zoals ze nu in de Wooncode staat in die gemeenten niet van toepassing is op de personen die op die taalfaciliteiten beroep willen doen. Minister Keulen merkt op dat ook de Raad van State in haar advies hierbij reeds vraagtekens had gezet en dat daarom in het decreet werd ingeschreven dat de Wooncode geen afbreuk doet aan de faciliteiten. ‘In praktijk zal een Franstalige in de faciliteitengemeenten nu kunnen vragen dat de taalbereidheidsvereiste niet op hem/haar van toepassing is. Maar in elk geval blijft de Wooncode overal van kracht, ook in de faciliteitengemeenten'.

Gevolgen arrest beperkt

Er zijn trouwens niet zoveel sociale huurwoningen in de faciliteitengemeenten. ‘1.613 sociale huurwoningen op een totaal van bijna 140.000 in het gehele Vlaamse Gewest zijn gelokaliseerd in de zes randgemeenten en de taalgrensgemeenten met faciliteiten', legt Keulen uit. Over heel 2006 werden in die zes randgemeenten samen nauwelijks 43 sociale huurwoningen toegewezen.

Minister Keulen benadrukt dat de gevolgen van het arrest zeer beperkt zijn. De Wooncode blijft gewoon bestaan. Voor het overige zullen de sociale huisvestingsmaatschappijen voor het ontbinden van een contract via de rechter moeten gaan.